Autotransplantatie

Wat is een autotransplantatie

Een autotransplantatie is het verplaatsen van een tand of kies van een plek in de mond naar een ander gebied. Bijvoorbeeld een kies uit de bovenkaak naar een plaats in de onderkaak waar er een kies ontbreekt. Een tand of kies in ontwikkeling wordt verwijderd en op een andere plek in de kaak geplaatst, waarna de ontwikkeling van de tand of kies weer verder gaat. Een belangrijke voorwaarde is wel, dat de verplaatste tandkiem tijdens de behandeling zo goed mogelijk intact blijft. De verplaatste tand of kies groei en leeft verder op zijn nieuwe plek en kan het gebit zich op een natuurlijke wijze verder ontwikkelen.

Wanneer kiest men voor autotransplantatie?

Het komt regelmatig voor dat een tand of kies niet is aangelegd of verloren is gegaan. Het meeste komt dit voor bij de kleine kiezen in de onderkaak. In plaats van de open ruimte te sluiten met een vaste beugel of op latere leeftijd een implantaat te plaatsen kan de orthodontist er ook voor kiezen om de chirurg een kleine kies van de bovenkaak naar de onderkaak te laten transplanteren. Dit maakt de orthodontische behandeling eenvoudiger en sneller en geeft doorgaans een zeer fraai resultaat. Tegenwoordig wordt ook vaker gebruik gemaakt van transplantatie van een kleine kies naar de plaats van een boventand wanneer deze verloren is gegaan door een trauma.

Autotransplantatie kan zowel bij kinderen als volwassenen worden toegepast. Bij jongeren tot ongeveer 12 jaar dient er alleen orthodontisch behandeld te worden. Bij (jong)volwassenen dient er tevens voor de autotransplantatie een wortelkanaalbehandeling plaats te vinden.

Behandeling

Onder lokale verdoving of soms onder algehele narcose wordt door de kaakchirurg eerst een gaatje in de kaak gemaakt waar de nieuwe tand moet komen. Daarna wordt deze voorzichtig uit de kaak gehaald en direct op de nieuwe plaats gezet. De tand wordt vastgezet met een zeer langzaam oplossende hechting. Omdat de tand de eerste tijd eigenlijk nog los in de kaak zit, is het dus belangrijk de eerste 6 weken geen harde dingen met die tand te kauwen. Nadat de tand of kies goed is vastgegroeid, zal de orthodontist de tand met een beugel op de goede plek zetten. Als de vorm of kleur van de verplaatste tand niet past bij die van de nieuwe buurelementen, dan kan de tandarts daar wat aan doen als het gebitselement ver genoeg is.